Archief voor november 2007

Samenhorigheid (experience)

november 30, 2007

Onze experience was het creeeren van samenhorigheid door middel van opstand.

Ons plan was een mededeling te laten doen in de klas door onze slc.
De mededeling zou gaan over dat onze opleiding Advertising zou worden ondergebracht onder de “normale” Hogeschool van Rotterdam ipv het Willem de Kooning. Het zou gebeuren een dag voor de presentatie van crosslab. Onze verwachting was dat de klas in opstand zou komen en op zou komen voor zichzelf. Omdat ze veel waarde hechten om tot de kunstacademie te blijven behoren! Samen een blok vormen om dit te voorkomen. Tijdens de presentatie bij crosslab de volgende dag wilden we de klas op het hart drukken dat dit toch echt een experience was en de hele mededeling fake was. De klas zou samenhorig zijn geworden door deze experience.

In overleg met Carmen zijn we begonnen met een planning.

We begonnen een overleg met onze slc en ze was er enthousiast over maar wilde het nog wel even overleggen met andere mensen. Ons werd gevraagd later terug te komen om de laatste puntjes op de i te zetten. Helaas kregen we de mededeling dat ons plan absoluut niet gewaardeerd werd door ons head-of-school en directeur.
Hiermee terug naar Carmen. Na een gesprek hebben we besloten in eigen persoon een gesprek aan te gaan met onze head-of-school.

Men was bang dat de klas zover zou gaan dat de mededeling zich zou versprijden over de hele school. Ook was men bang voor het risico dat het uit school zou klappen en andere mensen er lucht van zouden krijgen. Op deze manier werd de school in negatief daglicht gezet zonder dat dit nodig was. Een te groot risico.

Na ons gesprek met onze head-of-school waren we er bijna van overtuigd dat we onder zeer strikte voorwaarden de opdracht TOCH konden uitvoeren. De voorwaarde was dat de mededeling de klas niet mocht verlaten en dat we dus diezelfde les nog de mededeling ongeldig moesten maken. Het mocht zich onder geen beding versprijden.

Helaas, een dag voor de “act” werd het alsnog verboden en zaten wij zonder presentatie of experience.

Carmen kreeg door ons een gesprek met onze head-of-school.

Een presentatie gehouden en daarin alles uitgelegd.
De klas vond het raar dat dit niet mocht, al helemaal omdat dit toch een kunstacademie is.
Er ontstond dus toch een opstand in de klas en dus ook samenhorigheid.
Ook ontstond er opstand, dus samenhorigheid, in het schoolbestuur.

Experience dus toch gelukt.

Karen, Lesley & Joyce

Ambitieuslozen

november 30, 2007

Ambitieuslozen

De doelgroep die ik onderzoek zijn mensen zonder ambitie.

Wat is ambitie volgens vanDale:

am•bi•tie (de ~ (v.), ~s) 1 streven om carrière te maken => aspiratie, eerzucht

am•bi•ti•eus (bn.) 1 eerzuchtig 2 ijverig => roemzuchtig

Zelf kan ik me niet voorstellen dat er mensen zijn die na hun middelbareschool stoppen met leren en beginnen aan een carrière bij de Albert Heijn. Onvoorstelbaar vind ik mensen die niet verder zoeken dan hun vertrouwde omgeving. Er zijn zoveel mogelijkheden, bezienswaardigheden, dingen om mee te maken. Zijn er nou echt mensen die het prima vinden geen opleiding te hebben en de rest van hun leven te leven van een uitkering of georven geld uit de familie? Wat hebben deze mensen voor dromen? Houd dit op bij “huisje-boompje-beestje”? Is hun goal een familie te stichten? Zitten ze hierna stil? En vooral belangrijk, zo ja… waarom?Als er geen ambitie is om verder te gaan dan een baan bij de plaatselijke supermarkt, staat daar dan iets voor in de plaats? Waarom blijven hangen als er nog zoveel meer te zien en te beleven valt? Waarom niet omhoogwerken op de ladder en onderaan beginnen? Geen zin? Geen motivatie, waarom?

Onderzoek

Als men besluit ambities aan de kant te zetten hebben we een overvloed van tijd en energie. Er is namelijk geen doel meer aan de horizon. Je gaat je afvragen wat het doel in het leven is. Tenminste, dat zou je denken… in mijn onderzoek bleek dat sommige mensen er anders over denken. Ik kwam bijvoorbeeld mensen tegen die bewust waren gestopt met werken omdat ze vonden dat werken je het leven “afneemt”.

“Liever een baanloos bestaan, dan een loze baan. Onder dit motto leeft de bewust baanloze Gertjan van Beijnum (51) al ruim 28 jaar van een bijstandsuitkering. ‘Het is niet dat ik niet kán werken, ik wil het niet. Ik ben tegen loonarbeid.”

Ik ben gaan onderzoeken waarom bepaalde mensen blijven “hangen” bij hun eerste baan. Hiernaast heb ik, om ambitie te ontdekken, gevraagd naar wat men zou wensen, of er nog iets is wat men zou willen doen of meemaken in het leven. Kortom: Waar komen ze hun bed voor uit! (Dus niet-werkgerelateerde ambitie).

Ik heb mensen geïnterviewd met die onder aan de ladder zijn blijven steken. In deze doelgroep ontdekte ik dat ambitieusloze mensen niet vaak van baan wisselen. Ze hebben hun baan dan ook alleen voor het geld en af en toe om mensen tegen te komen en collega’s. Werk is werk en legt brood op de plank. “Geen zin om verder te leren” is een antwoord op de vraag waarom men kiest een baan te behouden. “Verantwoordelijkheid is niets voor mij” is ook een veel voorkomende. (Als men het bed uit komt is dat omdat het moet, werk is een middel om te overleven.)

Ik werd nieuwsgierig naar wat men wel belangrijk vind in het leven, aangezien werk een leuke baan dit kennelijk niet is. Familie, sociale omgeving Tijdens mijn onderzoek kwam ik er achter dat een grote overeenkomst bij ambitieusloze mensen is dat ze niet houden van risico’s. Niet weten waar je terecht komt is eng, en waarom zou je een risico nemen als je weet dat je nu wel ‘ok’ zit?

Ambitieusloze mensen zijn gehecht aan hun omgeving en vinden verandering maar niets.

De conclusie die ik er uit trek is dat men blijft hangen in de omgeving die men kent en daar niet uitstapt als men niet ZEKER weet dat de ontwikkeling alleen positieve gevolgen heeft. Omdat ik het wel heel depressief vond een conclusie te trekken dat men het bed uitkomt omdat het moet, ben ik op de man af gaan vragen waar ze het bed voor uitkomen.

Antwoorden waren:

- Werk, shoppen, vrienden

- Mijn kind

- Voor mijn familie

- Koffie en een sigaretje

Nog vrij depressief. Waarom niet “om iets goeds te doen voor de mens?” of “Om iets bijzonders (voor mezelf) te doen deze dag”?

Uiteindelijk kwamen er wel een aantal “doelen” uit die men nog in het leven zou willen meemaken of doen. Antwoorden:

- Het behalen van een diploma

- Een loterij winnen

- Het krijgen van een gezond kind

Uit deze resultaten maak ik de conclusie dat men altijd opstaat voor een ander. Niemand die antwoord de beste te willen worden in iets of om deze dag iets te gaan bereiken voor zichzelf. Men denkt niet dat hij of zij zelf iets betekend en cijfert zichzelf weg met een “Ik-kan-het-toch-niet” attitude.

Vergelijking met ambitieuzen

Ter vergelijking heb ik ook mensen geïnterviewd die zich hogerop hebben gewerkt. Door deze vergelijking heb ik de conclusie kunnen trekken dat mensen zonder ambitie denkers zijn en mensen met ambitie de uitvoerders. Bijvoorbeeld: dromen over reizen maken doen ze allebei, alleen de mensen MET ambitie MAKEN deze reizen. Mensen met ambitie ondernemen, mensen zonder ambitie weinig tot niet.

Ook hier stuit ik weer op een “Ik-kan-het-toch-niet” attitude. Een attitude waarbij men kiest voor de makkelijkste weg! Men houd van zekerheid. Dromen is ok, ondernemen geeft een risicofactor, en deze wordt het liefst vermeden.

5 materiële objecten die een centrale rol spelen binnen de ambitieuslozen

Niet moeilijk doen, weg van de minste weerstand, “Ik-kan-het-toch-niet” attitude. Een grote hobby van deze doelgroep is vooral het bekijken van t.v. programma’s als soap’s, reallity shows, talkshows ect. Hiermee zeggen ze even hun eigen leven los te laten en te duiken in die van een ander. Meeleven.

Verder zijn veelgenoemde hobby’s: Shoppen, lezen, uitgaan, computeren. (Alles lijkt te maken te hebben met het “ontduiken” van je eigen leven / ik. Veilig blijven in je bekende sociale omgeving. Via deze manier geen risico’s?)

Materiële objecten:

- t.v.- telefoon

- computer

- winkels

- boeken

Geconcretiseerd

“Leven met obstakels, terwijl we niet eens zeker weten of we het doel van onze ambitie ooit bereiken – doorgaan met leven in de toekomst in plaats van in het hier en nu – daarvan is de prijs naar mijn mening te hoog”

Ambitieuslozen

“Lilliputters” Mensen met achondroplasie

november 30, 2007

Je zal het maar hebben. Iedere keer als je ergens loopt wordt je nagestaard. Mensen noemen je lilliputter of dwerg. Leuke kleren kopen is ook niet gemakkelijk. Want je bent namelijk extreem klein. Een stuk kleiner dan het gemiddelde omdat je aan een groeistoornis lijdt. In Nederland leven ongeveer vierduizend volwassenen die kleiner zijn dan 1.35 m.

Mijn doelgroep bestaat dus uit ‘lilliputters’ (en term waar ze zelf niet echt blij mee zijn maar die ik hier gebruik omdat het dan voor iedereen duidelijk is waar ik het precies over heb) , misschien een wat vreemde keuze maar ik vond het wel interessant. Het is namelijk niet een stroming of subcultuur waar je vrijwillig aan deel kan nemen als je wil. Het is een handicap waar je mee geboren wordt. Ik heb voor deze ‘gehandicapten’ gekozen omdat ze heel erg opvallen in het straatbeeld, dit is bij mensen die doof, blind of geestelijk gehandicapt zijn niet zo.. EN omdat lilliputters natuurlijk andere materiele dingen behoeven dan de meeste andere mensen, omdat vrijwel alles om ons heen toch gemaakt is op maat van een gemiddeld volwassen persoon.

Materiele objecten

Speciale kleine kleding
Kleine vervoersmiddelen (auto , fiets)
Handige hulpmiddelen voor buitenshuis die ze toe kunnen passen als hun lengte bepaalde dingen niet toelaat (denk aan iest pakken wat hoog ligt etc.)
Accessoires op maat(rugzakken, riemen etc)

Natuurlijk zijn lilliputters niet onder te verdelen in een 1 bepaalde subcultuur die leeft volgens 1 en dezelfde ideologie, daarom zullen ook hun standpunten en idealen niet gelijk zijn als het aankomt op dingen als politiek, geloof, kunst , vrijetijdsbesteding etc. Maar binnen het kader van hun eigen handicap liggen hun standpunten en idealen over het algemeen wel altijd op 1 lijn:
Ze willen dezelfde dingen kunnen doen als ‘normale mensen’ en zo min mogelijk afhankelijk zijn. Nagestaard worden is geen pretje..

Moodboard
moodboard

De nieuwe hippies, alleen dan anders

november 30, 2007

Alto’s

Alto is een afkorting van alternatief. Jongeren die zich alto noemen, willen dus anders zijn dan de rest. Ze uiten dat vooral in hun uiterlijk. Niet alle alto’s gaan even ver in hun alternatieve stijl. Hieronder een aantal kenmerken die bij alto’s van toepassing kunnen zijn.

De kleding is over het algemeen wijd en vaak donker of apart van kleur. Broeken hebben vaak wijde pijpen. Daaronder worden vaak kisten of Dr. Martens gedragen.Voor de alto geldt dat het niet uitmaakt, als het maar onconventioneel is.

Datzelfde geldt voor haar en make-up. Hoewel alto’s niet zo radicaal zijn als de punkers, zijn ze wel herkenbaar. Hun haar is vaak lang (ook bij jongens) en soms gekleurd. Meisjes en jongens maken soms gebruik van make-up: ze kleuren dan bijvoorbeeld hun ogen en hun nagels zwart. Ze gaan hierin echter niet zover als de gothics.

Alto’s vallen vaak op door details. Ze dragen vaak aparte en opvallende sieraden en piercings. Of ze vallen op door aparte kledingaccenten; twee verschillende kleuren panty’s, felle schoenveters en broekkettingen in signaalkleuren bijvoorbeeld.

 

Muziek

Ook in hun muziekvoorkeur willen Alto’s anders zijn dan de massa. Ze trekken zich weinig aan van trends op TMF en luisteren vaak naar rock of grunge. In discotheken kom je dan ook weinig alto’s tegen. Alto’s zijn wel vaak te vinden op rockconcerten en –festivals, cafés en coffeeshops. Er wordt door veel alto’s geblowd. Niet zoals de gabbers om extra lang te kunnen dansen, maar om te ontspannen.

Alto’s zijn vaak erg bezig met de wereld en de maatschappij. Ook de dood wordt vaak besproken. Hier hangt vaak een enigszins pessimistische stemming; de meeste alto’s zijn geen wereldverbeteraars. Dit pessismisme komt ook vaak terug in de muziek die ze luisteren en maken. Alto’s hebben vaak een creatieve aanleg en ze zitten dan ook vaak in bandjes of maken tekeningen of schilderijen.

Sommige alto’s zijn alleen alternatief in hun kledingstijl en gaan verder niet mee in de overige kenmerken. Dit geld ook andersom.

Bovenstaande tekst is niet op alle alto’s van toepassing. Maar het geeft wel een beeld van kenmerken die een alto kan bezitten.

 

Materiële objecten die een centrale rol spelen binnen deze doelgroep


Zweetbandjes

Armbandjes en kettingen

Buttons

Tatoeages

Piercings

Wijde broeken en Tshirts

Dr. Martins of Dickies (schoenen)

Comics en strips

 

Conclusie

Qua kleding maakt het de alto in principe niet veel uit, als het maar onconventioneel is.

Ze houden zich veel bezig met de maatschappij maar zijn geen wereldverbeteraars

Ze zijn vaak zeer sociaal naar anderen toe en hebben niet snel vooroordelen

Alto’s zijn vaak creatief op muziek gebied maar ook op andere gebieden (schilderen etc.)

 

Moodboard

Metalheads door Tanja Mathues

november 29, 2007

1. Omschrijving:

Uitkomst onderzoek:

Metal bestaat sinds 1970. Binnen metal bestaan allerlei variaties en afsplitsingen, maar de meest oorspronkelijke vorm is heavy metal, die aan het eind van de jaren 60, begin jaren 70 ontstond. Aan het eind van de jaren 80 leek metal wat te minderen doordat metal bands te commercieel werden gevonden door de fans. Ondertussen hadden zich al verschillende vormen van metal ontwikkeld zoals: black metal, een nog zwaardere en agressievere vorm, death metal in het begin van de jaren 90 en daarnaast ook glamthrash- en speedmetal. In die 30 jaar is de metal steeds harder geworden. Muziek was voor de metalheads heel belangrijk, voor metalheads gold: een dag zonder muziek is een dag zonder leven. Ruig, agressief, hard, energiek, dynamisch en authentiek zijn de trefwoorden voor zowel de muziek als de bijbehorende levensstijl.

Uiterlijk. Haar, bij voorkeur met veel volume is belangrijk en daarom verzorgen ze het ook goed, want zonder lang haar kan je niet headbangen. De kleding was ruig en onverschillig: gescheurde broeken en T-shirts, long sleeves met gaten in de ellebogen, mouwloze jacks of vesten van denim of leer, lange leren jassen of jacks en als schoeisel eerst sportschoenen maar nu kisten, motorlaarzen of cowboylaarzen. Zwart is, zeker bij death en black metal, de favoriete kleur. Ook hielden ze van blauwe of stonewashed jeans. Vaak dragen ze leren, strakke, rechte, broeken met eroverheen een los shirt en daar overheen een mouwloos vest. De shirts waren meestal zwart en geheel bedrukt met prints van bands of shockerende plaatjes van bloedende lichamen, doodshoofden of schedels. Die shirts werden gekocht bij concerten als verzamelaars-item. Vrouwelijke metalheads dragen ongeveer hetzelfde als jongens. Daarnaast ook korte leren rokjes en strakke truitjes, netpanty’s hoge hakken en ijzeren stukjes erop. Het ruige imago van de metalheads hadden ze vooral te danken aan de metalen versieringen op hun kleding, die ze zelf maken. Bovendien dragen zowel jongens als meisjes leren zwarte halsbenden en armbanden met metaal. Metalheads dragen ook kettingen, om hun hals taille of aan hun riem, met daaraan een symbool uit de sfeer van zwarte magie en satanisme. Metalheads hebben vaak tatoeages van doods- en duivelsymbolen. Verder hadden ze metalen ringen, oorbellen en ook piercings, in hun wenkbrauw, neus, onderlip, tepel of navel. Bandleden maar ook jongens maken hun ogen op met zware zwarte randen. De meisjes droegen altijd zware make-up.

Muziek. De muziek van de metalheads had een enorm volume, zware drums en bass met heftige beat, vervormd en krachtige zangstijl, waarbij ze veel schreeuwen en krijsen. Ook een soort laag grommen (grinting) komt vaak voor. Het lijkt simpel maar de muziek is veel ingewikkelder dan het lijkt. Het is niet gemakkelijk te spelen, je moet ervaren zijn, er achter staan en het willen en kunnen. Ze namen een voorbeeld aan klassieke muziek die hun wel aanspreekt door de melodie, harmonie en de mystieke en mysterieuze sfeer. Veel gitaristen hebben een klassieke opleiding gehad. Het moeilijke van heavy metal is de snelheid waarmee wordt gespeeld.
Het volume, de zwaarte van de muziek, de felheid en de zang moeten goed op elkaar worden afgestemd. Centraal in heavy metal is het live optreden, de concerten en de festivals. Bands brengen in hun opvallende shows macht en geweld naar voren. Ze gebruiken symbolen zoals de duivel, zwarte magie en duistere machten om duidelijk te maken dat de wereld en het leven uit strijd bestaat.
Ze zijn erg geïnteresseerd in de geschiedenis van de metal. Zo kun je onderscheid maken tussen verschillende metal. Heavy metal is muziek die ontstaan is uit frustraties, het is energiek en agressief. Door Punk heeft metal vaart gekregen, daardoor werd metal harder. Zonder de twee bands Priest en Black Sabbath was metal nooit geweest wat het nu is. Trash metal is zwaarder en ruiger met snellere speed. De meest karakteristieke dansvorm is het headbangen, waarbij op het ritme van de muziek hoofd en haren heen en weer worden gezwaaid. Bij de concerten komen op en weer springen (pogoën), op elkaar slaan, maar niet in het gezicht (trashen), stagediving en crowd surfing eveneens voor. Ook wordt er drugs gebruikt maar dit is niet essentieel. Niet alleen zijn de muziek, maar ook de teksten en de zang erg belangrijk. Er zit in de metal ook duidelijke woede over verzet, bestaande verhoudingen, de wet, politie, het feit dat er regels zijn, autoriteit en later allerlei mistanden in de maatschappij. Het Christendom staat symbool voor de vastgeroeste samenleving en daartegenover wordt dan satan geplaatst. Maar de meeste fans nemen het satanisme niet te serieus omdat ze vinden dat dit te ver door slaat. Overigens hebben de metalheads weinig behoeften om aan die mistanden wat te doen, het blijft bij het registeren ervan en er tegen protesteren. Zelf vinden zij zich sociaal. Ze zijn antiracistisch en ondanks hun agressieve uiterlijk niet gewelddadig. Ze streven naar vrijheid, dat samen gaat met sterk gevoel van verbondenheid en vriendschap. Maar ondertussen willen ze als induvidu sterk in de maatschappij staan. Sociaal kapitaal is belangrijk voor ze.

Denkbeelden en leefwijze. In de begintijd van metal waren de meeste metalheads uit de arbeiders- en lagere middenklasse afkomstig. Tegenwoordig zijn alle klassen en opleidingen in metal aanwezig. Jongere fans wonen thuis, ouderen hebben een appartement of zitten in een kraakpand. Het belangrijkste in hun kamer is een geluidsinstallatie, vaak staat er ergens een gitaar en de wanden zijn versierd met foto’s van favoriete bands, posters van fantasierijke hoezen en reproducties uit de wereld van fantasy en horror. Verder bezoeken metalheads samen films met onderwerpen, zoals hellraiser (1987), predator (1987) en alien-films. Ook spelen ze in groepsverband computerspellen als warhammer en doom. Metal fans zijn over het algemeen blanke jongens. Bij death en black metal is het aantal meisjes heel klein, bij heavy metal zijn er meer, maar ze zijn toch ver in de minderheid. Meer dan relaties houden kwesties van goed en kwaad en van macht metalheads bezig. Ook seksualiteit staat in het teken van macht en de sfeer is soms macho. De leeftijd van metalheads ligt gemiddeld hoger dan in andere jongeren subculturen. Veel jongeren worden al op jeugdige leeftijd fan, en ze blijven zeer lang liefhebber van de muziek.

Bronnen:
Jeffrey Jensen Arnett, Metalheads. Heavy metal music and adolescent alienation. Boulder, Colorado: Westview Press, 1996 (196 pagina’s; ISBN 0 8133 2813 6).
http://www.icce.rug.nl/~soundscapes/VOLUME06/Betekenis_heavy_metal.shtml
http://scholieren.samenvattingen.com/documenten/show/6438744/

2. 5 materiele voorwerpen:

  • Spikes
  • Cd’s Heavy Metal (Black Sabbath)
  • Concert/festival kaartje (Dynamo)
  • Tatoeages (bv Roos of Skull)
  • Gedichten

3. Idealen en dromen:

Sociaal Kapitaal

“het geheel van bestaande of potentiële hulpbronnen dat voortvloeit uit het bezit van een meer of minder geïnstitutionaliseerd duurzaam netwerk van relaties van onderlinge bekendheid en erkentelijkheid — ofwel uit het lidmaatschap van een groep — dat elk van zijn leden de ruggesteun geeft van het collectieve kapitaalbezit, een “geloofsbrief” die hen in de ruime zin des woords kredietwaardig maakt” (Bourdieu)
moodboard metalheads

 



Doelgroep Furries door Ilse Beekhof 2a

november 29, 2007

Doelgroep analyse:

Als iemand wel eens gehoord heeft van een furry, denkt deze vaak dat het een als dier verklede seksmaniak is. Dit is echter de extreemste vorm van furry-zijn. Je kan furry worden uit verschillende interessegebieden bijvoorbeeld:
- Je bent geïnteresseerd in de antropomorfische strips en cartoons.
- Je kan je spiritueel aangetrokken voelen tot een bepaald dier
- Je bent geïnteresseerd in de kunst en creativiteit die er bij komt kijken om furry te zijn, een kostuum maken is een heel creatieve klus, en furry-zijn wordt wel eens gezien als role-playing.
- En je kan dus aangetrokken zijn tot het seksuele aspect: de oorzaak van het ontstaan van furry zijn is namelijk de aantrekkingskracht tot het antropomorfische dier. Dat wil zeggen dieren met menselijke trekjes, het verrichten van menselijke handelingen.( Een bekend voorbeeld is bijvoorbeeld Bugs Bunny of de Walt Disney characters. )

 

Standpunt en idealen:

Een furry walgt van het seksuele maniak beeld wat over hen heerst. De meeste furries zijn namelijk niet zo. Die voelen zich gewoon prettiger als dier, worden ‘zichzelf’ als dier. Furries onderling gaan heel vriendschappelijk met elkaar om en veroordelen elkaar niet, er heerst liefde. Voor de ‘normale’ mens is het natuurlijk een heel aparte situatie en deze zal dit ieder geestelijk niet in goede staat verkerende mensen vinden. Ik heb gekozen voor de zin ‘liefde met een staartje’ om Furry standpunten en idealen samen te vatten. Dit omdat furry worden ontstaat uit liefde voor een dier (met menselijke handelingen) ontstaat, en furry zijn heel vriendschappelijk is. Maar het is natuurlijk wel een verhaal apart, en de furryseks -> yiffing, blijft ook vrij.. abnormaal.

 

 

Tweede identiteit op internet

november 29, 2007

Roland Jager: Een alleenstaande vrouw van 44 met drie kinderen in een flat zonder kabeltelevisie

Als eerst een splitsing tussen een identiteit op internet een tweede identiteit op internet.

Bijna iedereen heeft tegenwoordig een identiteit op internet. Zelf bezit ik ook een hyves profiel en ben ik lid op een forum. Maar dit is niet meteen een tweede identiteit.

Op hyves ben ik te vinden onder mijn normale naam, gedraag ik me niet anders dan normaal en laat ik zelfs voor een deel zien wat ik dagelijks doe en waar mijn interesses liggen. In dit geval is een profielensite zoals hyves een verlengde van je identiteit.

Als lid op het (hiphopgerelateerde) forum wordt het wel al anders, ik ben daar te vinden onder mijn alias, mijn profiel bevat verder geen persoonlijke informatie (dit omdat ik dat overbodig vond). Al snel ging ik snel (onbewust) een fictief persoon achter de namen en posts verbeelden. In een fototopic betrapte ik mezelf hier op, want verbaasd keek ik naar de foto’s van gebruikers die een geheel ander voorkomen hadden dan voorspeld. Ook heb ik twee mc’s ontmoet om mee samen te werken, met een soort fan-gevoel ontmoette ik hen, maar na een uurtje had ik een geheel ander gevoel bij ze vergeleken de momenten waarop ik ze online sprak. Maar dit alles behoort toch nog steeds tot een identiteit op internet; enkel de verschillen tussen online en offline met iemand spreken.

Onder een “tweede identiteit” versta ik het bewust (of onbewust) een eigen identiteit aan meten waarin je virtuele identiteit anders is dan je persoon in de ‘fysieke wereld’. Je voor doen als vrouw, jongere man, gespierder lichaam, arroganter, homofiel, etc.

De vraag is waarom mensen dat doen, wat zijn de beweegredenen en waarom kunnen zij dat door middel van internet? Door die vraag te stellen kan ik de grote groep opdelen in sub-groepen (als deze er zijn)

Internet werkt:

- Drempel verlagend

- Anoniem, (stiekem, zonder betrapt te worden) doen wat je wil

- Internationaal

- Grote diversiteit aan gebruikers, dus altijd wel een lotgenoot te vinden

Voor wie is een tweede identiteit?

- Zij die (anoniem) nieuwe dingen willen uit proberen

- Zij die zich niet in de fysieke wereld durven te uiten (schaamte)

- Zij die contact zoeken in/met een groep waar ze niet toe behoren/geen toegang tot hebben in de

fysieke wereld

à Zij die met de identiteit uit de fysieke wereld niet genoeg voldoening vinden

Het is een groep die moeilijk te splitsen is, maar toch is er al een onderscheid te vinden in mensen die goedwillig een tweede identiteit aanmaken (denk aan mensen met vragen over kwetsbare beschamende onderwerpen of schrijvers) en mensen die kwaadwillig zijn (denk aan pedofielen, moordenaars, oplichters)

Ook is er een onderscheid tussen een serieuze tweede identiteit (verslaafde secondlife speler, kanibaal, pedofiel) en een onschuldige (jongeren in een chatbox, custom character in een spel).

Daarnaast kan je ook de groep opdelen in de subgroep “persoonlijke (sociale) ontwikkeling”, hiermee bedoel ik iemand die zich in de virtuele wereld voordoet als (bijvoorbeeld) homosexueel, zijn/haar fetish uitleeft, een nieuwe manier van contact leggen zoekt of ouder is dan werkelijk, en de sub-groep die een tweede identiteit aan meet om materieel er beter van te worden, hiermee doel ik op oplichters die zo spullen verkrijgen van anderen, het online bedelen.

Eerste en derde opsplitsing zijn enigszins gelijk, maar toch met een andere insteek.
Een fetish is namelijk niet altijd goedwillig (kanibalisme, geweld etc)

Wat zijn materiële spullen waarvan de doelgroep gebruik maakt?

Omdat deze doelgroep virtueel leeft, zijn de materiële spullen beperkt; een computer met internetaansluiting is eigenlijk voldoende.

Het internet biedt verder de toegang tot:
-
Profielen websites
-
2d of 3d Chat ruimtes
-
Fora
-
Foto’s en video’s
-
Weblogs
-
E-mail
-
Anonimiteit

Standpunten en idealen?

Persoonlijk ontwikkelen:
-
Het ontwikkelen, vormgeven en bijslijpen van je eigen identiteit
-
Uitweg van de realiteit
-
Anonimiteit is vrijheid en veiligheid


Kwaadwillig:
-
Groot netwerk in anonimiteit
-
Toegang tot elke groep
-
Geen regels
-
Snelle tijd veel slachtoffers vinden

Overkoepelend:

“Op het internet gelden andere normen en waarden en kan ik met mijn tweede identiteit de personen bereiken die ik in mijn fysieke wereld niet durf, kan of mag aanspreken en zelfs kan confronteren met mijn ideeën en bedoelingen zonder hiervoor schaamte te voelen of verantwoording moet geven.”

moodbord

http://img138.imageshack.us/img138/9149/moodboard02copyxg3.jpg

Alto’s

november 22, 2007

Alto (cultuur)
Alto is een benaming voor elke alternatieve kledingstijl/levenswijze die niet behoort tot de mainstream jeugdculturele stroming of een andere subcultuur. De naam stamt af van het woord alternatief. De term zelf is een catch-all phrase, die voornamelijk door de media, of in een denigrerende manier, wordt gebruikt. Leden van deze jeugdcultuur zien zichzelf over het algemeen niet als alto (hoewel een groot deel van de jongere generatie denkt dat alto een subcultuur op zich is), maar eerder als punker, grunger, metalhead of lid van een andere alternatieve muziekstijl.

De kledij van de alto’s is gevarieerd, omdat het een term is die meerdere jeugdculturen omvat en een niet op zichzelf staande cultuur is. Aangezien de stroming constant evolueert is er geen gangbare ideologie aan te verbinden, nihilistische/anarchistische denkbeelden gecombineerd met een cynische houding komen voor, maar ook meer oppervlakkige denkbeelden. De stroming, voor zover het er een betreft, kenmerkt zich door zich af te zetten van de, over het algemeen, gangbare populaire muziek. Waar zenders zoals MTV vooral andere jeugdculturen zoals de hiphop en de elektronische muziek vertonen luisteren de ‘alto’s’ naar obscuurdere of minder populaire acts die zich binnen het brede spectrum van rock en metal bevinden.

De muziekstijlen van alto’s variëren van punk, new wave, indierock, naar reggae, grunge, artrock/artpunk, hardrock en metal.

Enkelen noemen de alto’s de nieuwe hippies.
Vaak liggen de interessegebieden van alto’s naast een specifieke muziekvoorkeur ook bij andere vormen van jeugdcultuur:

Graffiti
800px-broodgraffitdelft.jpg

Skateboarden
longboard-nosewheelie.jpg

Strips of Comics
southparkrob.jpg

Tatoeage en Piercing
machine-head.jpg

zweetbandjes, veel armbandjes en buttons
product_thumb-4php.png

Bezoek aan Festivals zoals Lowlands
wfilmfest06_metal_head_sm.jpg

Omdat de stroming zich niet beperkt tot een bepaald gebied, sociale klasse of ideologie is ze alom vertegenwoordigd in de maatschappij.

Sietske Pelgrum
ADV-V2A

Experience

november 22, 2007

Gevoel van schaamte/ ongemak opwekken.

We hebben eerst geprobeerd bij onszelf schaamte op te wekken door met pindakaas-besmeurde wc-papier aan onze schoenen door de V&D te lopen en de reacties van mensen te filmen. Hierbij wilden we een gevoel van plaatsvervangende schaamte van mensen vast leggen.
De meeste mensen zagen dit wel maar keken snel een andere kant op. Hieruit konden wij concluderen dat wanneer er schaamte ervaart wordt mensen liever de andere kant uitkijken dan degene waardoor zij schaamte ervaren hierop aan te spreken. Hierdoor is het helaas niet gelukt om het vastleggen van de schaamte van anderen goed over te brengen op film. We besloten het gevoel van schaamte bij onze klasgenoten op te wekken.

We hebben dit gedaan door onze klasgenoten mee te nemen naar een “openbare plek” in ons geval rond 13:00 uur buiten voor de school. We hadden een draagbare cd-speler bij ons met het alom bekende nummer van Kabouter Plop. We hebben onze klasgenoten opgesteld. Ze moesten allemaal een stuk uit elkaar gaan staan zodat ze zichzelf niet achter iemand anders konden verschuilen. We hebben de cd aangezet en hun instructies gegeven om de dans te doen. In het begin hebben wij zelf niet meegedaan en we merkten dat iedereen zich daar heel ongemakkelijk bij voelde.

Een aantal mensen weigerden zelfs hieraan mee te doen en vluchtten om tussen het publiek plaats te nemen. De rest van de groep ondervond aan het begin schaamte, maar naar mate iedereen begon te dansen zakte dit langzaam weg.

conclusie
- schaamte is een aanleiding tot vluchtgedrag
- in een groep wordt het schaamtegevoel, naar mate iedereen mee doet, kleiner.

Nikki de la Rambelje & Sietske Pelgrum
ADV-V2A

HIPSTERS

november 21, 2007

hipster

Definitions of a Hipster

1. Hipster – One who possesses tastes, social attitudes, and opinions deemed cool by the cool. (Note: it is no longer recommended that one use the term “cool”; a Hipster would instead say “deck.”) The Hipster walks among the masses in daily life but is not a part of them and shuns or reduces to kitsch anything held dear by the mainstream. A Hipster ideally possesses no more than 2% body fat.

2. Hipster
– Listens to bands that you have never heard of. Has hairstyle that can only be described as “complicated.” (Most likely achieved by a minimum of one week not washing it.) Probably tattooed. Maybe gay. Definitely cooler than you. Reads Black Book, Nylon, and the Styles section of the New York Times. Drinks Pabst Blue Ribbon. Often. Complains. Always denies being a hipster. Hates the word. Probably living off parents money – and spends a great deal of it to look like they don’t have any. Has friends and/or self cut hair. Dyes it frequently (black, white-blonde, etc. and until scalp bleeds). Has a closet full of clothing but usually wears same three things OVER AND OVER (most likely very tight black pants, scarf, and ironic tee-shirt). Chips off nail polish artfully after $50 manicure. Sleeps with everyone and talks about it at great volume in crowded coffee shops. Addicted to coffee, cigarettes (Parliaments, Kamel Reds, Lucky Strikes, etc.), and possibly cocaine. Claims to be in a band. Rehearsals consist of choosing outfits for next show and drinking PBR. Always on the list. Majors or majored in art, writing, or queer studies. Name-drops. May go by “Penny Lane,” “Eleanor Rigby,” etc. when drunk. On PBR. Which is usually.

3. Hipster
– Fresh out of college mid 20’s people who claim to dislike all that is mainstream or popular, which is usually reflected in their taste of indie music and how quickly they’ll shun a group the moment they end up on a soundtrack, TV commercial/show or on the radio. They also dislike mainstream fashion which makes them easily spotted since the guys all wear the higher-then-clam-digger style pants while the girls all wear extremely thick rimmed glasses. (Making them conformist in their own group).

The surest sign of a hipster is their dislike for everything corporate so while they may never want to buy anything from a Starbucks, Gap or Pottery Barn, they will have no problem working for them since they always seem to be flat broke and complain about having financial problems, even though they have mom & dad paid BA.

4. Hipster – Someone who thinks that they are being “special” and “unique” for liking some underground bullshit no one else cares about. And they pointlessly look down on people who don’t know anything about indie culture, because that’s the only thing they know anything about. They’re quick to call the rest of the world conformists when in reality, they are the ones conforming by partaking in a “too cool for mainstream so i am going to reject it by looking and acting like a grungy asshole” way of life only to seem uber-fashionable. They just end up looking like idiots.

1) Hipster: I won’t drink at starbucks, it’s too corporate.

2)Non-Hipster: I want a Louis Vitton purse because they are cool

Hipster: You’re such a conformist, haveing a Louis Vitton purse is so unoriginal. I like my purse I found in the gutter for $4 dollars.

Non-hipster: but it’s fugly

Hipster: yah, but no one else has it. It’s completely unique.

Non-hipster: that bum over there has something pretty similar though.

Hipster: You’re ignorant because you can’t see the real beauty in life.
I don’t have time for this, I’m gonna go to my cave of an apartment and listen to some indie rock you’ve probably never heard of….

Non hipster: You need to see a therapist

Hipster: I am my own therapist.

Hipster work ethic

Working is a necessary evil reserved for the masses which by definition the Hipster is not a part. Work is avoided at all costs for it is truly “bohemian” to be an artist and stay at home creating art. In fact, the goal of a true Hipster is to not work at all. Work is an antiquated notion dear to an older generation.

Similar to eskimos who have 8 different terms for the word “snow,” the Hipster has many terms for receiving a check from the parents:

1. getting the cush
2. picking the berries
3. waxing Oedipal
4. parimony (sometimes daddimony)
5. changing the diaper